English versionLaatste vaardag: van Choisey naar Dole


De volgende ochtend varen we op tijd weg zodat we om acht uur weer bij de eerste sluis zijn. We moeten ongeveer vier kilometer terug varen en twee sluizen door. Helaas moet de eerste sluis met een nietig verval van slechts dertig centimeter via een sluiswachter worden bediend en verschijnt de éclusière niet om acht uur zoals ik had gehoopt maar stipt om negen uur. Het kan nog net . We hebben nu nog één sluis te gaan en we moeten in Dole uiterlijk half tien de boot inleveren. Helaas blijkt de laatste sluis defect. Na het draaien aan de stang boven het water gaat weliswaar een oranje signaleringslamp branden en wordt ook het signaal roodgroen maar de deuren gaan niet open. We bevinden ons in een vervelende situatie. Er staat weer een enorme wind die ons vanaf de Doubs een door een brug afgesloten zijtak van het kanaal inblaast die naast de gesloten sluis ligt.We zien bovendien geen plek waar we even kunnen aanleggen. We moeten terug. Het lukt ons evenwel niet om te draaien en we klappen tegen de kant. Er zit bovendien een stenen rand zo’n dertig cm onder water war we vast op komen te liggen. De wind blaast ons daarbij nog stevig tegen de kant aan. Ik klim op de kant en probeer de boot vlot te duwen. Ook Maarten helpt mee met de pikhaak. Opeens schiet de boot los. Pepijn geeft bovenop meteen flink gas en met mijn voeten op een plastic beschermrand en hangend aan de reling kan ik nog net aan boord klimmen terwijl we op  volle kracht vooruit langs de gietijzeren brug weer de Doubs op schieten. Wat te doen? We moeten nog steeds de sluis door. Na nog een poosje tevergeefs wachten of de sluisdeuren uit zichzelf open gaan, zet ik Pepijn aan wal om daarna weer met grote moeite weg te komen. Pepijn spreekt bij de sluis in de microfoon en gelukkig komt er na vijf minuten een bestelauto van de VNF aan. De sluis gaat open en met een zucht van verlichting varen we de sluis in. De sluiswachter zet de schuiven na het sluiten van de deuren vol open en het water bruist ons tegemoet. We moeten de boot aan twee touwen in bedwang houden. De hele week is het schutten een tamme bedoening. We schutten immers alleen omlaag. Voor en in onze laatste sluis ervoeren we weer dat je tijdens het varen voor onverwachte gebeurtenissen kan komen te staan.  

Pepijn steekt bij de basis de boot keurig achterwaarts in en we laden onze spullen over in de auto. Het zit er weer op. Omdat Margo nog een trui ergens op een voetbalveld heeft laten liggen, rijden we nog een stukje langs onze route maar de blauwe ophaalbrug bij Moulin des Malades ervaar je vanuit de auto lang niet zo idyllisch als vanaf het water.  

      

Canal Rhône-Rhin            Andere kanalen            Vorige dag