dit is de site van Cariet Leeuwis,
kinderboekenschrijfster
| home | boeken | biografie | links |
| wie-wat-waar? | delia dircksdochter | voorlezen op school | van schrijver tot boek |
| gedichtjes | vragen aan de schrijfster | nieuws | peuterhoek |
gedichtjes
in 1991 geschreven, nu op internet.

Een deftig hondje
Een deftig hondje uit Den Haag
Was heel chic en danste graag
Ze droeg een jurkje met franje
En dronk heel de dag champagne
Ze riep maar steeds: ‘Ach nee, affreus’
En trok daarbij raar met haar neus
Ze liep parmantig in het rond
Maar ja, het bleef toch maar een hond.
Haar probleem was dan ook groot
Zij moest poepen in de goot
En een plas doen op ’t gazon
Of in een steegje als dat kon
Ze hield het op zolang dat wilde
Totdat haar hele lijfje trilde
Waarop ze door haar pootjes zakte
En het stoepje onderkakte.
Nikkie Nijlpaard heeft dorst

Nikkie Nijlpaard lag te zonnen
Op haar handdoek in het gras
Ik wou dat hier, dacht ze verdrietig
Een limonadewinkel was.
Ik heb al uren niet gedronken
Ik wou dat ik, ja wist je dat
Een lekker kratje coca cola
Naast mij op de handdoek had.
Al was het maar vijf liter water
Of tien kilo sappig fruit
Nee, het moet niet lang meer duren
Ik hou het bijna niet meer uit.
Ze stond op en ging eens kijken
Of er iets te vinden was
En wat zag ze in de verte?
Ja, wat hoorde ze voor geplas?
’t Was geen grap, ze zag een zwembad
vol met water tot de rand
Nikkie liep zo hard ze gaan kon
En riep: jongens, aan de kant!
Ze nam een slok en gulzig nog een
Zoveel tot ze buikpijn kreeg
Nikkie dronk het hele zwembad
Tot de laatste druppel leeg.
Vliegtuig

Lex zag een vliegtuig in de lucht
en droomde met een diepe zucht
ach, zat ik maar in zo'n machien
dan kon ik wat van de wereld zien.
Ik zou vliegen naar een heel ver land
over de palmen, langs het strand,
over een berg, door een ravijn
en uitrusten in een woestijn
mijn hondje Bas mag zeker dan
en mijn broertje dan, okee
we vliegen heel de wereld rond
totdat we landen op de grond
want 's avonds moet ik vliegensvlug
weer naar mijn eigen huis terug
ik vat de slaap, dat is geen pret
alleen maar in mijn eigen bed.
schrijftips
hier is Cariet nog mee bezig
Wil jij net zo beroemd worden als je favoriete schrijver?
Begin dan nu al met het schrijven van verhalen. Het hoeft niet gelijk een dik
boek te worden, start maar eens met een kort verhaaltje.
Wanneer is een boek goed geschreven?
Volgens Cariet is een boek goed geschreven als je steeds nieuwsgierig bent naar
wat er komen gaat. Als je het niet weg wil leggen en steeds maar door wil lezen.
Als je eigenlijk al op de volgende bladzijde verder wil gaan, terwijl je deze
nog moet lezen. Als je alles om je heen vergeet. Als het zo'n indruk maakt dat
je er steeds aan moet denken, ook al ben je niet aan het lezen. Dan is het een
goed boek.
Of, zoals Roald Dahl (schrijver van bijv. Sjakie en de chocoladefabriek) het zo mooi zei: 'Een verhaal moet een kind bij de strot grijpen en niet meer loslaten.'
Maar hoe schrijf je dan zo'n boek?
Je moet op verschillende dingen letten als je een verhaal schrijft.
Bedenk eerst voor wie je wil gaan schrijven. Wil je een prentenboek maken voor je kleine zusje of word het een heel spannend verhaal voor je klasgenoten van 10 jaar?
Als je voor peuters of kleuters wil gaan schrijven let dan op de
volgende dingen:
-Schrijf in het 'hier en nu', dus wat er op dat moment gebeurt. Maak geen
(grote) sprongen in de tijd, dus niet: en toen en toen.... Beschrijf één
situatie tegelijk.
-Gebruik korte zinnen en geen algemene woorden zoals allemaal,
altijd, nooit, niemand; en andere woorden die ze nog niet goed begrijpen. Zeg
bijv. niet: het is acht uur, als ze nog geen klok kunnen kijken.
-Denk er steeds bij: kan wat ik schrijf getekend worden? Want plaatjes zijn in zo'n boek natuurlijk heel belangrijk.
-Probeer door de ogen van een klein kind te kijken. Hij heeft bijv. nog nooit een ... gezien
Vraag je steeds het volgende af:
Zit er genoeg humor in?
Zit er genoeg vaart in? Oftewel: is het niet saai? Is er genoeg spanning?
Wordt het een mooi geheel?
Klopt alles? Heeft Keesje in hoofdstuk één blond haar, dan moet dat in hoofdstuk
vijf niet ineens bruin zijn (oke, het mag wel, maar alleen als hij het verft).