Typisch voorbeeld van de 'zware' dansen uit Petrič, met langzaam en snel deel.
Typerend voor deze stijl zijn de lange verende passen (met wat plié). De vrouwen dansen laag bij de grond, 'tekenen' cirkels met de tenen.
De mannen dansen hoger, maken hogere bewegingen mert de voeten.
De dans wordt uitgevoerd op zurni. De mannen gaan voorop, de vrouwen erachter. In het verleden deden vrouwen vaak niet mee. De eerste man mag improviseren. Ook maken de mannen vaak diepe buigingen, tot op de grond.
Interessant detail: in Petrič wordt het wisselen van figuur niet aangeven door vokale commando's maar door het knijpen in de hand van de volgende danser. Op deze wijze wordt het sein zeer snel doorgegeven totaan de laatste danser, en bij de volgende muziek- of dansfrase begint iedereen het nieuwe figuur.