Over speelgoed

 

Droge lucht in de kamer

 

Als het buiten vriest, dan is de lucht behoorlijk droog. Deze droge lucht zit dan ook vaak in ons huis. Als we deze droge lucht dan nog eens gaan verwarmen, dan wordt het klimaat voor onszelf, maar ook voor onze vogels ongezond.

Wijzelf krijgen een droge huid, knetterend haar, neus- en keelproblemen met een grotere kans op verkoudheid, droge ogen, hoofdpijn en vermoeidheid. Onze vogels hebben hetzelfde. Daarnaast krijgen zij ook nog problemen met hun veren. Deze worden zo droog en als de vogel er aan gaat bijten dan kan deze breken. Dit met alle nare gevolgen van dien.  Papegaaien hebben een hoge luchtvochtigheidsgraad nodig 60-70%. 

Ik heb zelf al een tijdje een luchtreiniger, omdat ik zelf erg veel last van het stof kreeg. Deze reiniger werkt prima, maar het is geen luchtbevochtiger.

tips om problemen te voorkomen.

- waterbakjes aan de radiator. (Let op, regelmatig bijvullen)

- vogels regelmatig besproeien met lauw water

- kamer, ondanks de kou toch luchten

- planten helpen de kwaliteit van de lucht in de kamer te verbeteren

- als u niet direct wilt overgaan op een luchtbevochtiger, dan werkt 

  een elektrische waterkoker ook. Het moet dan wel een koker zijn die

  niet automatische stopt als het water kookt. (Meestal zijn de

  goedkope hiervoor het handigst.) 

  Als de waterkoker één of twee liter water heeft verdampt, dan

  is de atmosfeer in  de kamer al sterk verbeterd.

 

Mijn grijze roodstaart heeft al langer veerproblemen.  Ik sproei haar iedere dag. Ik heb ook een speciale spray gekocht van Kaytee. Deze spray zorgt voor een goede conditie van de veren en is alcohol en zeepvrij. Ook zorg ik door middel van de waterkoker voor een vochtigere lucht in de kamer.

 

 

Algemene informatie


Psittacus erithacus erithacus Linnaeus (Kongo grijze roodstaartpapegaai). Lengte is 32-37 cm. De grondkleur is lei- tot lichtgrijs. Kop- en halsveren witachtig grijs, de meeste met donkere randjes. De onbevederde washuid aan de snavelwortel en ook de kale oogring zijn witachtig grijs. De stuitveren zijn duidelijk lichter grijs dan de rugveren. Staartveren zijn helrood. De Kongo grijze roodstaart heeft een zwarte snavel.

Natuurlijk leefgebied
In het natuurlijk leefmilieu leven grijze roodstaartpapegaaien in het oerwoud (Afrika), waarbij de voorkeur uitgaat naar hoge bomen aan de randen van de wouden. Buiten de broedtijd leven ze in grote groepen bij elkaar. 's Avonds keren de vogels, veelal onder luid gekrijs, terug naar hun slaapbomen. Hun voeding bestaat overwegend uit vruchten en zaden.

In de broedtijd leven ze paarsgewijs in hoge bomen. Grijze roodstaart mannen in broedconditie vertonen een duidelijk baltsgedrag. Hierbij lopen ze met afhangende vleugels rond het vrouwtje en voeren haar. Als broedgelegenheid maken grijze roodstaartpapegaaien gebruik van holten in hoge bomen. De nestholten die ze in bezit nemen hebben ongeveer een diepte van 60 cm.
Gemiddeld legt de pop 2 tot 4 witte eieren, die met tussenpozen van 2 tot 3 dagen worden gelegd. De eieren worden alleen door de pop bebroed. Na ca. 29-30 dagen komen de eieren uit. Gedurende de tijd dat de pop zit te broeden wordt ze, veelal via het invlieggat, door de man gevoerd. De jongen, die een vleeskleurige huid hebben, worden in het begin vooral door de pop gevoerd. Later neemt ook het mannetje een deel van deze taak op zich. De jongen
vliegen na ongeveer 12 weken uit en worden dan nog ongeveer 4 maanden
door beide ouders (bij)gevoerd.

Kweek in gevangenschap
In het algemeen zal het niet eenvoudig zijn om een bestaand (goed) kweekkoppel te bemachtigen. In de meeste gevallen zal de kweker dan ook zelf een koppel samen moeten stellen.Om zeker te zijn van een paartje is het belangrijk dat de vogels gesekst zijn.
Ook voor later, als mocht blijken dat de vogels niet bij elkaar passen, zal dit bij het ruilen van de vogels, de minste problemen opleveren. Grijze roodstaartpapegaaien zijn op een leeftijd van 4 tot 5 jaar geslachtsrijp.

Zoals reeds eerder vermeld komen de eieren van de grijze roodstaartpapegaai na ca. 30 dagen uit. De jongen zijn bij hun geboorte bedekt met een heel dun laagje witgrijs dons. Tot ongeveer de 10e dag worden de jongen door de pop gevoerd, daarna helpt ook de man mee de jongen te voeren. Na ongeveer een maand kunnen de jongen bij de oudervogels worden weggehaald. Het is heel prettig als de nieuwe eigenaar van de grijze roodstaart al wat wordt betrokken bij het handmatig voeren van het jong.



Dit artikel is eerder gepubliceerd in Pakara-magazine maart/april 2004.

 

 

 

 

 

home