GENEALOGIE 'DE RAAD'
|
Generatie
X |
|
|
Xa. Jan Meertensz.
de Raad. Hij werd
geboren ca. 1692. Hij woonde zijn hele leven als landbouwer en veehouder te Zijderveld,
alwaar hij diaken was in 1723. Hij huwde te Schoonrewoerd op 28 april 1715
met Annigje Gerritse Goes.
Zij werd gedoopt te Schoonrewoerd op 18 september 1692 als dochter van Gerrit Jansz.
Goes en Jannetje Corsen van Patsum.
Annigje is overleden te Zijderveld op 21 april 1763 en werd begraven in de
kerk van Zijderveld op 2 mei. Jan Meertensz. stierf op 8 januari 1770 in het
huis van zijn zoon Arie en bezat toen de volgende kleding: een rok, een
wambuis, een broek, een hemdrok, een paar kousen en twee hemden. De waarde
hier van bedroeg 5 gld. Jan werd begraven in de kerk van Zijderveld op 13
januari 1770.
Handtekening van Jan Meertensz.
de Raad onder een akte van 10 april 1734 |
|
|
Kinderen: |
|
|
1. |
Maarten Jansz. de Raad,
volgt XIa. |
|
2. |
Ariaantje. Zij werd gedoopt te Zijderveld
op 17 januari 1718 en is jong overleden. |
|
3. |
Arie
Jansz. de Raad.
Hij werd geboren in 1719 en woonde zijn hele leven als landbouwer en
veehouder te Zijderveld, alwaar hij ouderling was in 1785. In 1763 (en waarschijnlijk
ook al een aantal jaren daarvoor) huurde hij 4 morgen kennipland te
Zijderveld voor 14 gld. 10 st. per jaar. Op 12 mei 1765 huwde hij te
Zijderveld met Maaijke Ariense de Heer. Zij werd gedoopt
te Zijderveld op 17 maart 1737, als dochter van Arien Gijsbertsz. de Heer,
schepen van Everdingen, Zijderveld en Goilberdingen, en van Gerrigje
Goverts. De huwelijksvoorwaarden
tussen Arie en Maaijke werden gemaakt te Culemborg op 8 mei 1765. Arie Jansz.
de Raad werd geassisteerd door zijn broers Maarten en Gerrit de Raad. Arie
bracht in het huwelijk: 3 paarden; 5 koeien; een vaars; 3 pinken; 3 kalveren;
een wagen met beslagen raden; een ploeg; 2 eggen en een eiken schouw. Maaijke
de Heer die geassisteerd werd met haar vader Arie de Heer en haar oom Joost Govertsz.,
bracht in: 395 gld. 15 st. aan contant geld en het vierde deel van een
hofstede groot 17½ morgen in de polders Bolgerijen, Autena, Over- en
Nederzijderveld. Dit vierde deel bestond, blijkens een deling van de goederen
van Govert
Joosten (grootvader van Maaijke Ariense de Heer) op 1 april 1766
uit 4 morgen wei- en hooiland op Bolgerijen. Op 17 november 1767 kocht Arie
Jansz. de Raad voor 600 gld. een huis, berg en hofstede met 4 morgen 4 hond
wei-, hooi- en kennipland op Bolgerijen gelegen in de Zijderveldse Steeg en 7
hond land aldaar. Op 26 januari 1773 erfden Arie en Maaijke uit de
nalatenschap van haar vader Arien Gijsbertsz. de Heer 102 gld. 17 st. 8
penningen, een boomgaardje en griend op Nederzijderveld aan de Diefdijk, ½
morgen hooiland op Autena in de Vierhoeven, 100 gld., uit te keren door Lauw de Jong en Inge de Heer
en 100 gld. uit te keren door Johannes Ariensz. het Lam en Petertje de Heer. Op 21 april 1789 verkocht
Arie voor 100 gld. aan Govert de Heer 2 hond griend, gelegen aan de Diefdijk
op Nederzijderveld met een opstal buitendijks en de bepotingen en
beplantingen daar op aan de dijk staande aan de Goilberdinger wetering. Arie
Jansz. de Raad werd begraven te Zijderveld op 4 juli 1794. Zijn weduwe,
Maaijke de Heer, verkocht op 27 januari 1803: voor 1.375 gld., aan Jasper
Ariensz de Raad, waarvan hij de helft contant betaalde, een hofstede,
bestaande in een huis met achterhuis en 4 morgen 400 roeden wei- hooi- en
bouwland, waarvan ongeveer 4 morgen goeden aards, gelegen in de Zijderveldse
Steeg; voor 1.500 gld. 1 morgen 4 hont weiland met 2 morgen 2 hont goeden
aards hooiland, gelegen op Bolgerijen; voor 130 gld. 1 morgen 3 hontd kwaden
aards hooiland, gelegen op Autena; voor 220 gld. (aan Frederik de Raad) 7
hont hooiland, gelegen op Bolgerijen. Maaijke de Heer werd begraven in de
kerk (grafstede N49) van Zijderveld op 24 maart 1804. Uit het huwelijk werden
drie kinderen geboren, die alle drie binnen enkele dagen na de geboorte
stierven. Het eerste kind werd begraven te Zijderveld op 22 april 1771 en het derde kind werd
begraven te Zijderveld op 23 januari 1779. Slechts van het tweede kind is de
naam bekend: Annigje. Zij werd postuum gedoopt te Zijderveld op 19 juli 1778.
Handtekening van Arie Jansz. de
Raad onder zijn huwelijksvoorwaarden van 8 mei 1765 |
|
4. |
Gerrit. Hij werd gedoopt te Zijderveld
op 10 november 1720 en is jong overleden. |
|
5. |
Willemijntje. Zij werd gedoopt te Zijderveld
op 24 mei 1722 en is jong overleden. |
|
6. |
Adriana
de Raad. Zij werd
gedoopt te Zijderveld op 31 oktober 1723. Zij is overleden in de Geer onder
Gorinchem en werd aansluitend begraven in de kerk van Zijderveld op 8
september 1807. Zij huwde te Zijderveld op 12 maart 1752 met Arien
Gijsbertsz. de Heer. Hij werd gedoopt te Zijderveld
op 4 december 1711 als zoon van Gijsbert Dirxe de Heer en Maaiken Dirks Verrips.
Arien was eerder gehuwd geweest met Gerrigje Goverts; zij waren de ouders van
Maaijke Ariense de Heer, die was gehuwd met Arie Jansz. de Raad. Arien
Gijsbertsz. de Heer was schepen van Everdingen, Zijderveld en Goilberdingen,
en werd begraven in de kerk van Zijderveld op 30 mei 1771. Zijn boedel,
waaronder 21 morgen 5 hont land op Bolgerijen, Nederzijderveld en
Overboeicop, werd op 26 januari 1773 verdeeld. Zijn vrouw Adriana de Raad
kocht uit de boedel: geel merrie veulen voor 66 gld.; zwart merrie veulen
voor 80 gld.; melkkoe voor 66 gld.; melkkoe voor 60 gld.; melkvaars voor 50
gld.; beste wagen met het tuig voor 70 gld.; ploeg met zijn tuig voor 20
gld.; bed, peluwe, 2 kussens en 2 lakens voor 7 gld. 10 st.; idem voor 12
gld. 15 st.; een dorskleed of zaadsprei voor 1 gld. 16 st.; 2 gordijnen en
een val voor 1 gld. 3 st.; 2 zakken voor 18 st.; ca. 4 schepel hennipzaad
voor 5 gld.; een paardedek voor 8 st.; 12 pond vlas voor 4 gld. 15 st.; ½ vat
en enig rood aardewerk voor 2 gld. 5 st.; 4 kaasborden voor 1 gld. 18 st.;
een kist voor 3 gld. en een tafel voor 10 st. |
|
7. |
Gerrit
Jansz. de Raad.
Hij werd gedoopt te Zijderveld op 4 november 1725. Hij huwde te Zijderveld op
24 november 1764 met Trijntje de Vos. Zij werd gedoopt te
Zijderveld op 31 mei 1733 als dochter van Gerrit de Vos.
In 1765/66 kocht Gerrit voor 300 gld. een leen van 4 morgen land op
Zijderveld. Op 13 maart 1766 werd er een testament opgemaakt, waarbij zij
wederzijds de langstlevende tot erfgenaam benoemden. Trijntje de Vos, die
deze akte tekende met een kruisje, legateerde het "hofsteedje aan den
overtogt" op Zijderveld aan Francijntje de Vos, dochter van Peter de Vos.
Gerrit de Raad werd begraven te Zijderveld op 2 juni 1783. Zijn vrouw
Trijntje machtigde op 27 juli 1784 haar broer Alewijn de Vos, of bij diens
afwezigheid haar broer Peter de Vos, om met haar hulde en manschap af te
leggen voor stadhouder en leenmannen van het leenhof Vianen en aldaar beleend
te worden met de in 1765/66 door haar man Gerrit gekochte 4 morgen land op
Nederzijderveld.
Handtekening van Gerrit Jansz.
de Raad onder een akte van 8 mei 1765 |
|
8. |
Cornelis. Hij werd gedoopt te Zijderveld
op 23 september 1731 en is begraven te Zijderveld op 29 oktober 1731. |
|
9. |
Heijltje. Zij werd gedoopt te Zijderveld
op 1 augustus 1733 en is begraven te Zijderveld op 5 september 1734. |
|
10. |
Lijsbet. Zij werd gedoopt te Zijderveld op
9 januari 1735 en is begraven te Zijderveld op 12 januari 1737. |
|
|
|
|
Xb. Jasper
Meertensz. de Raad.
Hij werd gedoopt te Zijderveld op 14 januari 1694. Hij was te Zijderveld
diaken in 1720 en kerkmeester in 1723. Hij huwde te Hei- en Boeicop op 21 februari
1717 met Sijgje
Jansse. Zij werd gedoopt
te Hei- en Boeicop op 10 april 1691 als dochter van Jan Meijertsz.,
schepen, heemraad en kerkmeester van Hei-en Boeicop, en van Maeijken
Willems van Muijlwijck. De deling van de
landerijen van de ouders van Sijgje Jansse - bestaande uit vrijwel 57 morgen
land op Heikop, Boeikop, Groot-Oosterwijk, Klein-Oosterwijk, Middelkoop en
Leerbroek, alsmede een huis op Boeikop en een huis op Middelkoop - vond
plaats op 30 juni 1738, waarbij Jasper de Raad en Sijgje erfden “lot A”,
bestaande uit een hofstede, groot 8 morgen met huis, 2 bergen en schuur met
alle bepotinge en beplantinge, gelegen op de polder Boeicop, zijnde
allodiaal, met nog 4 morgen leengoed, zijnde de bovenste helft van 8 morgen,
waarvan de benedenste 4 morgen behoren aan Arie Jansen (lot B); aan Willem Jansen
(lot C) diende 100 kar. gld. te worden uitgekeerd. Jasper de Raad werd
begraven in de kerk van Zijderveld op 18 januari 1742 en Sijgje Jansse werd
begraven in de kerk van Zijderveld op 28 juli 1741. De 12 morgen land op Hei-
en Boeicop waren in 1749 nog onverdeeld in het bezit van hun kinderen.
Handtekening van Jasper
Meertensz. de Raad onder een akte van 10 april 1734 |
|
|
Kinderen: |
|
|
1. |
Maarten
Jaspersz. de Raad,
volgt XIb. |
|
2. |
Maaijken
Jasperse de Raad.
Zij werd gedoopt te Zijderveld op 4 april 1723. Op 22 februari 1744 huwde zij
te Zijderveld met Gerrit Willemsz. de Vos, die
werd gedoopt te Zijderveld op 19 april 1716, als zoon Willem Gerritsz. de Vos en Jannigje de Vos.
De huwelijksvoorwaarden tussen Maaijken en Gerrit werden gemaakt te Culemborg
op 30 januari 1744. Maaijken, die hierbij werd geassisteerd door haar broer
Maarten de Raad en haar ooms Jan de Raad en Willem Jansz., bracht in 100 gld.
en het vijfde deel van de vaste goederen uit de boedel van haar ouders. Haar
aanstaande man, die geassisteerd werd met zijn oom Aert de Vosch, bracht 600 gld.
in het huwelijk. Maaijken de Raad werd begraven in de kerk van Zijderveld op
8 februari 1753. Gerrit Willemsz. de Vos was kerkmeester te Zijderveld in
1757. Op 15 oktober 1765 kreeg hij de nog in gemeenschappelijk bezit zijnde
hofstede van zijn ouders in eigendom,
bestaande uit 13 morgen land, waarvan 6 morgen op Bolgerijen onder Culemborg,
5 morgen op Bolgerijen onder Vianen aan de Groene Zijderveldse Kade en 2
morgen op Boeicop. Hiertoe diende Gerrit 400 gld. betalen, waarmee de
hofstede was belast en een bedrag van 568 gld. aan de overige erfgenamen.
Gerrit werd begraven in de kerk van Zijderveld op 14 juni 1784. De boedel van
Maaijken en Gerrit bestond, blijkens een akte van 9 november 1784, ondermeer uit een huis in de Zijderveldse
Steeg met schuur, berg en 22 morgen 1 hont land op Bolgerijen en Neder- en
Overboeicop. De waarde van dit huis met land bedroeg 4.250 gld. De waarde van
hun totale boedel bedroeg 7.077 gld. 2 st. 10 penningen na aftrek van de
lasten.
Handtekening van Maaijken de
Raad onder haar huwelijksvoorwaarden van 30 januari 1744 |
|
3. |
Heijltje
Jasperse de Raad.
Zij werd gedoopt te Zijderveld op 20 januari 1726. Op 28 april 1748 huwde zij
te Zijderveld met Meerten Joosten de Jong,
schepen van Everdingen, Zijderveld en Goilberdingen. Hij werd gedoopt te
Zijderveld op 2 september 1725, als zoon van Joost Meertensz. de Jong en Maria Meertense
Cool. Op 8 april 1755 maakten Heijltje en
Meerten een testament te Culemborg, waarbij zij wederzijds de langst levende
tot erfgenaam benoemden. Meerten is overleden tussen 1761 en 21 november
1775. Op laatst genoemde datum verkocht zij als weduwe van Maarten de Jong,
samen met de mede-erfgenamen van Cornelis de Jong, Lauw de Jong om 2 morgen hooi-
en weiland op Kortgerecht onder Leerdam publiek te verkopen. Op 28 oktober
1777 erfde Heijltje als weduwe van Maarten de Jong 61 gld. 1 st. 14 penningen
uit de nalatenschap van Jan Meertense de Jongh en Cecilia Meertense Cool. Heijltje
is overleden te Zijderveld op 25 mei 1797 in de Zijderveldse Steeg in het
huis van haar broeder Arie Jasperse de Raad. Zij werd begraven in de kerk van
Zijderveld op de zesde linie van de begraafplaats op 1 juni 1797.
Handtekeningen van Heijltje de
Raad en Meerten de Jong onder hun testament van 8 april 1755 |
|
4. |
Arien. Hij werd gedoopt te Zijderveld
op 23 januari 1729 en werd begraven te Zijderveld op 10 februari 1729. |
|
5. |
Arie
Jaspersz. de Raad,
volgt XIc. |
|
6. |
Cornelis
Jaspersz. de Raad,
volgt XId. |
|
|
|
|
Xc. Cornelis de
Raad. Hij werd
geboren (te Zijderveld) ca. 1697. Op 22 april 1731 huwde hij te Everdingen
met Maria
Cornelisse Peek. Zij werd gedoopt te Everdingen
op 23 december 1708, als dochter van Cornelis Speijersz. Peeck en Maijken Aarts.
De huwelijksvoorwaarden tussen Cornelis de Raad en Maria Peek werden gemaakt
te Culemborg op 7 april 1731. Cornelis de Raad, die hierbij werd bijgestaan
door zijn broers Jan, Jasper en Joost Meertense de Raad, bracht in het
huwelijk 3 morgen hooiland op Bolgerijen; 2 melkkoeien uit zijn moeders stal;
een bed met zijn toebehoren; een koperen ketel; 800 gld. aan contant geld en
een zwarte merrie. Maria Peek, die werd bijgestaan door haar ouders Cornelis
Speijersz. Peeck en Maijken Aarts, bracht in het huwelijk 3 morgen weiland
gelegen in de Gouwenes onder Everdingen; 2 melkkoeien; een koperen ketel; een
wagen met twee paarden en 200 gld. aan contant geld. Het echtpaar is
vervolgens in Everdingen gaan wonen, waar Cornelis de Raad ouderling was in
1739. In 1739/40 kocht hij 8 morgen land op Autena. Op 3 oktober 1741 maakten
Cornelis en diens vrouw Maria, op dat moment ziek en te bed liggende, te Culemborg
een testament, waarbij zij wederzijds de langstlevende tot erfgenaam
benoemden en Jasper de Raad en Teunis Peek, schepen van Everdingen, tot
voogden over hun onmondige kinderen aanstelden. Op 15 juli 1748 verkocht
Cornelis de Raad 4 morgen land op Prijs (onder Culemborg). Hij werd begraven
in de kerk van Everdingen op 27 april 1752. Op 2 mei 1753 werd er 5 morgen
land van de weduwe van Cornelis de Raad publiek verhuurd daar zij over de
jaren 1746 t/m 1750 181 gld. 19 st. 12 penningen aan polderlasten schuldig
was. Op 2 februari 1756 verkochten de twee oudste dochters van Cornelis de
Raad, te weten Heiltje en Maaijke, en de voogden over de zes nog onmondige
kinderen van Maria Peek en wijlen Cornelis de Raad, het onroerend goed voor
ruim 10.000 gld., wat bestond uit: een hofstede (met de kaaskamer, stal,
schuren en 2 pond goede peper) aan de hoge dijk onder Everdingen, groot 2
halve hoeve land, zowel bouwland als boomgaard met al zijn toebehoren,
getimmer, bepotinge en geboomte daarop staande en beide geheten het
Geestland; een uiterwaard, groot ca. 6 morgen, met de aanwas buiten de kade,
gelegen op de Goilberdinger Waard over de noordzijde van de hofstede; een
perceel van 2 morgen 3 hond land gelegen op Lang-Bolgerijen; een perceel van
4 morgen land gelegen op Lang-Bolgerijen; een perceel van 2 morgen ½ hond
land gelegen op Overboeicop "int vijff en dertigste weer van boven
gereckend"; een perceel van 3 morgen land gelegen in de Baronie van
Acquoy; een hofstede bestaande in een huis en boomgaardje en verdere
bepotinge gelegen aan de Poldersteeg onder Everdingen en 8 morgen wei- en
hooiland op Autena in de Vierhoeven. Maria Peek werd begraven op het kerkhof
van Everdingen op 29 juni 1763.
Handtekeningen van Cornelis de
Raad en Maria Peek onder hun testament van 3 oktober 1741 |
|
|
Kinderen: |
|
|
1. |
Heijltje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 16 maart 1732 en huwde te Everdingen op 31 mei 1761
(ondertrouw aldaar 9 mei 1761) met Hendrik de Vor. Hij werd
gedoopt te Vianen op 20 april 1727 als zoon van Cornelis Hendrikse de Vor en Willemijntie Spinhoven. Hendrik de Vor werd op 23 december
1770 door de drossaard van Vianen aangesteld als heemraad van Bolgerijen en
Autena. Een dag later legde hij de eed af. Vermoedelijk heeft hij deze
functie zijn hele verdere leven vervuld. Hendrik de Vor werd in 1778 te
Helsdingen en Bolgerijen aangeslagen voor 96 gld. 4 st. en 6 penningen aan
hoorngeld. Op 26 september 1781 testeerden de in Helsdingen wonende Hendrik
de Vor en Heijltje de Raad. Hierbij benoemden zij wederzijds de langstlevende
tot erfgenaam. Op 29 september 1781 leenden zij een bedrag van 2.000 gld. aan
de in Culemborg wonende koopman Jacob Hendrik van der Leeden. Op 8 april 1782
huurden Hendrik en Heijltje voor 54 gld. per jaar voor de tijd van vier jaar
3 morgen land op Zouden Bolgerijen aan de Achterwetering en 2 morgen 400
roeden land boven de Kostverlorense Weg op de polder Autena van Mr. Alexander
le Roux Jalabert, hoogdijkheemraad van het land van Vianen en griffier in de
kamer van justitie van Vianen en Ameide. Hendrik de Vor werd begraven in de
kerk van Vianen op 7 januari 1795. Een grafsteen is nog altijd in de kerk
aanwezig. Heijltje de Raad kocht op 5 september 1798 voor 600 gld. een
boomgaard op de Weesdijk binnen de stad Vianen van de erfgenamen van haar
zuster Maaijke en Gozewijn van Beek. Op 27 oktober 1800 kocht Heijltje samen
met haar zwager Cornelis Nachenius voor 1.150 gld. 2 morgen boomgaard en
weiland, waarvan 1 morgen 4 hond bepland was met jeugdige vrucht, in de
Kleine Haag onder Vianen. Heijltje werd begraven te Vianen op 2 april 1811.
Handtekening van Heijltje de
Raad onder de akte van 2 februari 1756 |
|
2. |
Cornelis
de Raad. Hij werd
gedoopt te Everdingen op 26 april 1733 en zal overleden zijn vóór de geboorte
van zijn gelijknamige broer in 1752. |
|
3. |
Maaijke
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 7 augustus 1735. In 1755 werd zij ingeschreven als
lidmate van Culemborg en in dat zelfde jaar vertrok zij naar Loenen. Ten
tijde van haar huwelijk woonde zij te Amsterdam op de Prinsengracht. Zij ging
in ondertrouw te Amsterdam op 19 oktober 1770 en huwde vervolgens aldaar met Gozewijn van Beek. Hij werd geboren op Beekesteijn en gedoopt te
Velsen op 13 oktober 1737 als zoon
van Jan van
Beek, voortuijnman op de hofstede Bekesteijn, en van Jacomina van Zuijlekum. Gozewijn van Beek was tuinknecht op
Velzerbeek en werd op 28 mei 1758, na belijdenis, aangenomen als lidmaat te
Velsen. Op 27 september 1761 kreeg hij attestatie naar Bloemendaal, waar hij
nog ten tijde van zijn huwelijk in 1770. Waarschijnlijk direct na het
huwelijk (in elk geval vóór 2 april 1772) is het echtpaar in Vianen gaan
wonen. Zij waren te Vianen eigenaars van een huis met erf aan de westzijde
van de Voorstraat binnen de stad Vianen en een boomgaard op de Weesdijk
binnen de stad Vianen. Maaijke de Raad werd begraven te Vianen op 1 april
1791. Haar echtgenoot “monsieur” Gozewijn van Beek maakte op 2 februari 1792
een testament, waarbij hij Cornelis Nachenius, gerechtsbode te Hagestein en
Gijsbert de Vor, wonende in Helsdingen, aanstelde als voogden over zijn
minderjarige kinderen. Gozewijn van Beek werd begraven te Vianen op 28 juni
1793.
Handtekening van Heijltje de
Raad onder de akte van 2 februari 1756 |
|
4. |
Maria
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 30 december 1736 en werd begraven in de kerk van
Everdingen op 13 november 1755. |
|
5. |
Willemijntje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 6 april 1738 en werd begraven in de kerk (ƒ 7,10,0
met huren van het graf) van Everdingen op 4 mei 1762. |
|
6. |
Cornelia
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 4 oktober 1739 en zal één van de zes onmondige
kinderen zijn geweest op 2 mei 1753. Verder is er van haar niets bekend. |
|
7. |
Aaltje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 26 maart 1741 en is overleden te Leerdam op 14
oktober 1813. Zij ging in ondertrouw te Leerdam op 3 november en huwde
aansluitend aldaar op 14 november 1770 met Jacob Teunisse van der Haagen.
Hij werd geboren te Leerdam ca. 1728 en is overleden te Leerdam op 5 mei
1808. Hij was eerder gehuwd geweest met Lijsbet Wouterse Sterk.
Jacob was een zoon van Teunis Jacobsz.
van der Haagen en Neeltje Andriesse van Dijk.
Op 27 november 1783 testeerden Aaltje en Jacob te Leerdam, waarbij zij wederzijds
de langstlevende tot erfgenaam benoemden en Cornelis Nachenius en Barent van der
Haagen aanstelden als voogden over hun onmondige kinderen. In de
maand juli of augustus van het jaar 1784 kwamen Jacob van der Haagen en de mede-erfgenamen
van zijn ouders Teunis Jacobsz. van der Haagen en Neeltje van Dijk, een
boedelscheiding overeen. |
|
8. |
Aartje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Everdingen op 28 november 1745 en is overleden te Hagestein op 2
september 1822. Zij ging in ondertrouw te Hagestein op 31 maart en huwde
aansluitend te Hagestein op 17 april 1775 met haar neef Cornelis Nachenius.
Hij werd gedoopt te Everdingen op 4 maart 1736 als zoon van Pieter
Nachenius en Ariaantje Cornelisse Peek.
Cornelis Nachenius was gerechtsbode te Hagestein en werd in 1778 te
Helsdingen/Bolgerijen aangeslagen voor 5 gld. 7 st. en 4 penningen aan
hoorngeld. Op 27 oktober 1800 hij samen met Heiltje de Raad voor 1.150 gld. 2
morgen boomgaard en weiland, waarvan 1 morgen 4 hond bepland was met jonge
vrucht. Cornelis werd begraven te Hagestein op 20 december 1810. |
|
9. |
Maarten
de Raad. Hij werd
gedoopt te Everdingen op 23 juli 1747 en zal één van de zes onmondige
kinderen zijn geweest op 2 mei 1753. Verder is er van hem niets bekend. |
|
10. |
Cornelis
de Raad. Hij werd
gedoopt te Everdingen 1 oktober 1752 en zal één van de zes onmondige kinderen
zijn geweest op 2 mei 1753. Verder is er van hem niets bekend. |
|
|
|
|
Xd. Joost
Meertensz. de Raad.
Hij werd gedoopt te Zijderveld op 23 april 1699. Te Zijderveld was hij
huisman en hoofdingelande. Hij huwde te Zijderveld op 28 april 1721 met Aaltje Tijsse,
dochter van Thijs
Tonisz. en Annigje Dirx. Op 25 mei 1734 erfden Joost de
Raad en Aaltje Tijsse uit de boedel van haar overleden ouders 1 morgen 4 hond
weiland op Bolgerijen; 4 morgen hooiland op Overboeicop; 4 morgen hooiland op
Cort Nieuwland; 1 morgen 5 hond weiland aldaar en een bedrag van 750 gld.
Bovendien moest haar broer Peter Tijsse 700 gld. ter compensatie aan hen
uitkeren. In 1738/1739 verkocht Joost de Raad 1 morgen 3 hond land op
Bolgerijen voor 600 gld. en in 1740/1741 kocht hij voor 700 gld. een hofstede
op Bolgerijen. Aaltje Tijsse werd begraven in de kerk van Zijderveld op 17
september 1744. Joost de Raad verklaarde op 13 juli 1756 een bedrag van 400
gld. schuldig te zijn, wegens geleend geld. Dit geld had hij nodig om Willem
Knobbout te betalen van wie zijn broer Cornelis de Raad, voor wie Joost zich
als borg had gesteld, 400 gld. had geleend. Joost werd begraven in de kerk
van Zijderveld op 24 mei 1760. Zijn kinderen en verdere erfgenamen verdeelden
op 18 februari 1785 zijn onroerend goed, het welk bestond uit een hofstede
met huis, schuur, berg en een kennip akkertje en 12½ morgen land op
Bolgerijen en Overzijderveld.
Handtekening van Joost
Meertensz. de Raad onder een akte van 4 mei 1737 |
|
|
Kinderen: |
|
|
1. |
Maria
Joosten de Raad.
Zij werd gedoopt te Zijderveld op 22 juni 1721. De huwelijksvoorwaarden werden
gemaakt op 11 februari 1751, waarbij Maria inbracht in het huwelijk behalve
haar moederlijk erfdeel, ook nog een bedrag van 100 gld. Haar aanstaande
echtgenoot bracht in meubelen en huisraad ter waarde van 50 gld. Tot voogden
werden aangesteld Dirk Burggraaf, broer
van de bruidegom en haar vader Joost de Raad. Maria ging in ondertrouw te
Lexmond op 14 februari 1751 en huwde aansluitend te Zijderveld op 7 maart
1751 met Gerrit
Bastiaansz. Burggraaf, die eerder gehuwd was geweest met Maria
Cornelisse van Lent. Hij werd geboren te
Lakerveld en vervolgens gedoopt te Lexmond op 18 november 1714 als zoon van Bastiaan
Hendricksz. van den Burggraaf en Jannigje Melisse Bijman.
Maria en haar zuster Adriana leenden 29 april 1777 een bedrag van 400 gld.,
waarbij een hofstede met berg, schuur en 11 morgen land op Bolgerijen als
onderpand werd gesteld. Het bedrag werd op 27 februari 1787 afgelost. Maria
de Raad is overleden te Zijderveld op 4 mei 1784. Op 18 februari 1785 kreeg
Gerrit Burggraaf, als weduwnaar van Maria de Raad, de hofstede met huis,
berg, schuur en kennip-akkertje en 6 morgen 4 hont land op Bolgerijen uit de
boedel van Joost de Raad. Daar hij het beste deel had gekregen moest hij 100
gld. uitkeren aan Dirk Sterk en Adriana de Raad. Gerrit werd begraven in de
kerk van Zijderveld op 27 april 1785. |
|
2. |
Meerten
de Raad. Hij werd
gedoopt te Zijderveld op 31 mei 1722 en is jong overleden. |
|
3. |
Ariaantje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Zijderveld op 13 oktober 1726 en werd begraven te Zijderveld op 26
oktober 1726. |
|
4. |
Ariaantje
de Raad. Zij werd
gedoopt te Zijderveld op 2 mei 1728 en werd begraven te Zijderveld op 13
oktober 1728. |
|
5. |
Adriana
Joosten de Raad.
Zij werd gedoopt te Zijderveld op 10 augustus 1732. De huwelijksvoorwaarden werden
gemaakt op 15 maart 1757, waarbij Adriana in het huwelijk bracht, behalve
haar moederlijk erfdeel, ook nog een bedrag van 100 gld., uitzet en kleren
van linnen, wollen, goud en zilver tot haar lijf behorende. Haar aanstaande
echtgenoot bracht in meubels, huisraad en goud, zilver, linnen en wollen tot
zijn lijf gehorende. Tot voogden werden aangesteld Aart Sterk,
broer van de bruidegom en haar vader Joost de Raad. Adriana huwde te
Zijderveld op 8 april 1757 met Dirk Wouterse Sterk. Hij werd gedoopt te
Everdingen op 25 juni 1719 als zoon van Wouter Dirksz. Sterk, schepen van Everdingen,
Zijderveld en Goilberdingen, en van Theuntje Aarts. Adriana en haar zuster Maria
leenden 29 april 1777 een bedrag van 400 gld., waarbij een hofstede met berg,
schuur en 11 morgen land op Bolgerijen als onderpand werd gesteld. Het bedrag
werd op 27 februari 1787 afgelost. Op 18 februari 1785 kregen Adriana en haar
man 5 morgen 5 hont land op
Bolgerijen en Overzijderveld uit de boedel van Joost de Raad. Van de erven
van Maria de Raad kregen zij 100 gld., daar dezen het beste deel hadden
gekregen. Op 31 oktober 1786 werden Dirk Wouterse Sterk en Adriana de Raad
aangesteld als erfgenamen van Aart Wouterse Sterk, op dat moment schepen van
Everdingen, Zijderveld en Goilberdingen, in diens gehele inboedel. Op 27
februari 1787 kochten Dirk en Adriana uit de boedel van Aart Wouterse Sterk
van hun mede-erfgenamen voor voor een bedrag van 288 gld. 4/5 part in 6
akkertjes in de Gouwenes, groot 2½ morgen, voor 120 gld. 4/5 part in 3 morgen
land in de Gouwenes en 4/5 part in 2 morgen land aldaar. Op 27 februari 1787
verkocht Adriana de Raad, als curatrice van haar man Dirk Sterk: voor 120
gld. 3 morgen land op Bolgerijen en voor 290 gld. 9 hont goeden aards weiland
op Bolgerijen. Op 28 februari 1787 verklaarde Adriana de Raad, als curatrice
van haar man, 250 gld. schuldig te zijn, wegens geleend geld t.b.v. de
aankoop van percelen land uit de boedel van Aart Wouterse Sterk. Als
zekerheid stelde zij 7½ morgen land in de Gouwenes en 8 hont land op
Overzijderveld. Deze lening werd op 11 maart 1798 afgelost. Dirk Wouterse
Sterk werd begraven in de kerk van
Everdingen op 28 januari 1788. Adriana de Raad is overleden te Everdingen op
14 juni 1814. |
|
|
|
|
Xe. Roelof
Jaspersz. Hij was
nog onmondig op 1 juli 1645. Hij was op 7 oktober 1674 voor hem zelf en als
erfgenaam van Cornelis
Jansz. Stichter, de somma van 200 gld.
schuldig, vanwege geleend geld en op 26 september 1676 transporteerde Roelof
Jaspersz. voor hem zelf en als erfgenaam van Cornelis Jansz. Stichter, een
huis en hofstede met zijn kennipwerf, gelegen aan de Leerdamse Diefdijk,
gekomen van Cornelis Jansz. Stichter, met al zijn bepotinge en beplantinge
met appendentien en dependentien, en nog 2 morgen land gelegen op
Oud-Schaayk, bestaande in kennipland en weiland. De kooppenningen bedroegen
200 gulden. In 1678 woonde Roelof Jaspersz. aan de Diefdijk onder Leerdam.
Hij was gehuwd met Grietje Jans Stichter. Zij was nog onmondig op
5 november 1660 en was een dochter van Jan Cornelisz. (de) Stichter en diens tweede
vrouw Aechtien
Dirckx. |
|
|
Kinderen: |
|
|
1. |
Heijmentje. Zij werd gedoopt te Leerdam op
26 februari 1669. |
|
2. |
Jasper. Hij werd gedoopt te Leerdam op
13 november 1674. |
|
3. |
Heijmentje. Zij werd gedoopt te Leerdam op 15
maart 1678. |
|
4. |
Suzanna. Zij werd gedoopt te Leerdam op 21 juli 1683. |
|
© Drs. H.T.M. de Raad |
|