 |

Jan G. Nolst Trenité
als stafmedewerker bij Hoogovens
Jan G. Nolst Trenité en de wereld van de kunst
| Het werk van Jan G. Nolst
Trenité | Het vroege werk: De Schilderijen op linnen en paneel |
Collages en Assemblages in gemengde techniek | Assisted Ready Mades | De
Co-Producties | Het late werk | Rijk der
Ribbels <
Het Werk van
Jan G. Nolst
Trenité

Het werk van Jan G. Nolst Trenité is zonder meer uit een innerlijke noodzaak geboren. Bij hem is geen sprake van een plan, een concept of bedoeling die van te voren werd bepaald. Toch kan men op diverse manieren weldegelijk een lijn in het werk ontdekken. Techniek en onderwerpkeuze zijn daarbij een belangrijke leidraad. Een andere constante is de nummering. Bijna ieder werk dat Jan G. Nolst Trenité heeft gemaakt is nl. voorzien van een nummer, de titel en een maand en jaartal. Daarmee heeft hij het voor de historici mogelijk gemaakt om een vrij nauwkeurige indexering van zijn werk te bereiken.
Voor het overzicht op deze website delen we zijn werk dan ook allereerst in in de periodes waarbinnen het werk is ontstaan: De zestiger jaren, de zeventiger, tachtiger en negentiger jaren en het latere werk. Daarbij verdelen we het werk eveneens in in werk dat beschikbaar is gekomen uit de collectie van de kunstenaar zelf en werk dat in privé-collecties is ondergebracht en van daaruit voor het voetlicht treden zal.
Enige problematiek is het werk van Jan G. Nolst Trenité niet vreemd. Als we alleen al kijken naar materiaalgebruik en thematiek dan constateren we een grote diversiteit. Hierdoor wordt het al snel duidelijk dat een overzicht van het werk van Jan G. Nolst Trenité niet snel onder een en dezelfde noemer valt te presenteren.
In de beginjaren schilderde Jan G. Nolst Trenité met olieverf op doek. Gezien zijn grote productie en het feit dat hij als autodidact en amateur-schilder binnen een beperkt budget moest blijven
bracht hem er al snel toe om met olieverf op panelen te gaan werken. Houtsoorten van diverse herkomst, afmetingen en diktes. Het merendeel van dit werk uit de beginperiodes is op dergelijke ondergronden geschilderd of geassembleerd. In een latere levensfase heeft hij deze werkwijze zelfs geheel afgezworen. Vanaf medio de negentiger jaren is hij nl. begonnen met het maken van ontwerpen en tekeningen, zelf noemde hij dit oneerbiedig ‘zijn modelletjes’.
Snelle gedachteschetsen waren dat, ze werden met een veelvoud aan materialen gemaakt, variërend
met potlood, viltstift, verf. Soms zijn het ook kleine collages. Deze werken bezitten echter in
mindere mate de vormkracht van zijn vroege werk en het werk uit de middenperiodes. Toch zijn ook hier zeker uitzonderingen die de regel bevestigen en de moeite van het bekijken waard zijn. Sommigen van die gedachteschetsen hebben uiteindelijk ook daadwerkelijk model gestaan voor schilderijen die
op doek met olieverf zijn uitgevoerd. Dit meestal op uitdrukkelijk verzoek van een geďnteresseerde koper die het voltooide werk dan ook direct in zijn of haar collectie heeft opgenomen.

Coproductie met Rooster | #793
| Oktober 1987
Het gehele oeuvre van Jan G. Nolst Trenité bestaat uit een bonte verzameling van werken die niet altijd even duidelijk te omschrijven zijn. Wat de kunstenaar bijvoorbeeld zelf meestal collages noemt blijken in werkelijkheid veelal assemblages te zijn van objecten en materialen die aan de werkelijkheid zijn ontleend. De term collage die meestal gebruikt wordt bij werken van papier op papier is in een dergelijk geval op zijn minst niet geheel juist, maar in sommige gevallen ook weer niet helemaal onjuist.
Een dergelijk probleem kennen wij ook bij de zgn. object trouvé’s, die enerzijds te vertalen zijn als gevonden
of verzamelde voorwerpen, al of niet tot onderdeel geworden van een
assemblage of collage, maar die zich ook begeven op het terrein van de ready-made. Zo heeft Jan G. Nolst Trenité eind zeventiger jaren een serie werken gemaakt die hij Fusten noemde. Deze werken, meestal bestaande uit oude verfblikken en andere
industriël vervaardigde objecten zijn evenwel ook niet geheel onder de noemer van de ready-made te brengen. Enerzijds is de ready-made een object dat nieuw is en gekocht werd in een winkel met het doel er door inlijving in de wereld van de kunst een andere betekenis aan te geven. Anderszijds zijn de objecten die Jan G. Nolst Trenité voor dit doel gebruikte juist oud en verweerd en dus
reeds gebruikt. In die zin zou het in sommige gevallen mogelijk zijn deze ‘Fusten’ te groeperen onder de term assisted ready-made, omdat de kunstenaar ze bovendien heeft platgeslagen met een moker en ook later met verf heeft behandeld. U begrijpt intussen wel dat
categorisering niet erg makkelijk ligt.
Diverse auteurs en journalisten hebben in de loop van de tijd geprobeerd om het werk van Jan G. Nolst Trenité van een karakterising en een plaatsbepaling te voorzien. Het problematische ligt wat dat betreft dan ook in de diversiteit van het werk. Zo heeft een journalist zijn werk omschreven als neo-impressionistisch en ook door latere verslaggevers is deze benaming vrij klakkeloos overgenomen. Als we alleen al zien dat het merendeel van het werk van Jan G. Nolst Trenité is ontstaan uit een drang tot expressie dan is het wederom een open vraag of een dergelijk etiket de lading dekt.
In een artikel dat verscheen ten tijde van een van zijn exposities bij Hoogovens noemt de auteur hem een romantisch kunstenaar. Deze benaming dekt in zekere zin al veel beter de lading, omdat de romantische instelling in feite staat voor de lyrische expressie van de eigen levenservaring. Wat men liefheeft wil men laten voortleven, al is het in een beeldend werkstuk dat de representant is van een dergelijke ervaring.
Het meest opmerkelijk in het oeuvre van Jan G. Nolst Trenité zijn zeker de zgn. coproducties. Als imker had Jan G. Nolst Trenité een jarenlange ervaring met het bijenvolk. Op een gegeven moment is het hem opgevallen dat de bijen op het afdekkleedje of afdekplankje in de bijenkasten een zeker reliëf achterlieten dat bruikbaar was als basis voor een nieuwe kunstproductie. De werken die met deze techniek zijn ontstaan bezitten dan ook een intrigerende schoonheid en zeggingskracht. Soms zijn zij zondermeer en
dus zonder ingreep van de kunstenaar uitgangspunt voor een werk. Een andere maal hebben zij een extra toevoeging gekregen, waarmee Jan G. Nolst Trenité een extra stempel op het eindresultaat heeft gedrukt.

Coproductie 79 | #918 | Oktober
1989
De thematiek van het werk van Jan G. Nolst Trenité is even veelzijdig als zijn werkwijze. Op dit punt aangeland krijgen wij ook te maken met andere tegenstrijdigheden in het werk en in de perceptie daarvan. Dit wil overigens niet zeggen dat deze problematiek op zich in tegenstrijd is met de bron waaruit zij is voortgekomen.
Jan G. Nolst Trenité heeft vele malen verklaard dat hij heeft gekozen voor de houding van de moderne kunstenaar. Een belangrijk punt daarbij was de afwijzing van de werkelijkheid als uitgangspunt. Jan G. Nolst Trenité wilde vermijden om de werkelijkheid te imiteren of na te schilderen, bij hem stond de pure creatie voorop.
Zijn werk laat evenwel net zoveel naturalistisch te noemen werk zien als abstractie. Op zich is het tegenstrijdige van deze situatie vooral een
oppervlakte probleem te noemen. Het naturalisme van Jan G. Nolst Trenité is nl. geen realisme of als zodanig bedoeld. Hij tekent of schildert niet naar de werkelijkheid, maar werkt vanuit de herinnering of de verbeelding. Soms met motieven die herkenbaar zijn, soms met motieven die abstract zijn en waarbij de vorm op zichzelf de compositie en het beeld bepalen.
Dat die vormen van naturalisme op zich herkenbaar zijn spreekt voor zich. Men herkent in dergelijke werken portretten, landschappen, mensen of dieren. De bron waaruit dit alles ontstaat is enerzijds een fascinatie door of voor een onderwerp en anderzijds de gedrevenheid om deze ervaring gestalte te geven. Sommige werken mogen meer of minder geslaagd zijn, desondanks zijn er de vele werken die in weerwil van de tegenstrijdigheden voldoende aanleiding geven tot genot, bewondering en ontroering.
‘Er is niets mooiers dan Kennemerland’ heeft Jan G. Nolst Trenité menigmaal gesteld. Zeker is dat veel van zijn materiaal en thematiek een relatie
met Kennemerland heeft. Kleine dingen, ervaringen en herinneringen. In zekere zin kan men deze opstelling als naďef betitelen, omdat het werk niet boven de grote thema’s van de kunst (leven, liefde en dood) wil uitstijgen. Feit blijft dat dergelijke thema’s niet iedereen aanspreken en ook niet voor iedereen verstaanbaar zijn. In die zin is Jan G. Nolst Trenité een schilder die dicht bij de mensen staat. Een schilder zonder etiket, vooral zichzelf gebleven.
Jan G. Nolst Trenité en de wereld van de kunst
| Het werk van Jan G. Nolst
Trenité | Het vroege werk: De Schilderijen op linnen en paneel |
Collages en Assemblages in gemengde techniek | Assisted Ready Mades | De
Co-Producties | Het late werk | Rijk der
Ribbels <
|
 |