Informatie over NOSOBE


Met deze informatiepagina hopen wij duidelijk te maken, welk doel onze vereniging met het propageren van Esperanto nastreeft en welke betekenis deze taal ook voor u kan hebben. Deze informatie is min of meer in een vraag- en antwoordvorm gesteld, dat voor u misschien niet alle verlangde gegevens verstrekt. Mocht dit zo zijn, aarzel dan niet hiervoor bij ons aan te kloppen.

Bij lezing van het bovenstaande zal u waarschijnlijk wel duidelijk zijn wat Esperantisten zijn; degenen die voor hun ruime internationale belangstelling en behoefte aan contacten hebben gekozen voor de neutrale taal Esperanto.

Waarom een vereniging als NOSOBE, terwijl blinden streven naar integratie?
Bij de opkomst van Esperanto wilden veel groepen - politieke, kerkelijke en anderszins - zich hierdoor internationaal oriënteren en versterken. Dit gold
ook voor de blinden. De eerste verenigingen van blinde Esperantisten ontstonden in 1900 in Frankrijk en Zweden, waarna andere landen volgden. Zo kreeg Nederland in 1929 z'n NOSOBE. In het boek "Historio de la Esperanto-movado inter la blinduloj" (Geschiedenis van de esperantobeweging onder blinden), samengesteld door de Duitser Joseph Kreitz, is alles in detail beschreven.
Wat integratie betreft: dit is in de esperantowereld voor visueel gehandicapten geen probleem. Verscheidene NOSOBE-leden zijn ook lid van
andere esperantoverenigingen en plaatselijke groepen om regelmatig bijeenkomsten bij te wonen. De meeste plaatselijke groepen in Nederland zijn in de steden. Hier wordt natuurlijk Esperanto beoefend maar komen ook vaak buitenlandse gasten hun verhaal doen.
Verder organiseert de Universele Esperanto-Vereniging, steeds weer in een ander land, z'n jaarlijks Wereldcongres. Ook hier kunnen blinden gelijkwaardig aan deelnemen.

Maar hoe zijn de contacten in de eigen vereniging?
Belangrijk is hier ons tweemaandelijks orgaan La Kontakto (Het Contact) met z'n verenigingsnieuws, verslagen van vergaderingen, aankondiging van ons jaarlijks weekend, advertenties en verscheidene zelf geschreven en vertaalde artikelen. Het verschijnt in braille, grootletter en zwartdruk, ingesproken op cassette, op diskette en ook per e-mail. Verder is er de telefonische felicitatiedienst. Deze is bedoeld voor contacten tussen bestuur en leden.

Maar als je contat wilt zoeken met visueel gehandicapte Esperantisten in het buitenland, wat dan?
Er bestaat een internationaal overkoepelende vereniging van blinde Esperantisten, LIBE, die z'n eigen orgaan heeft, Esperanta Ligilo. Hierin kan je een oproep doen of reageren op een geplaatste oproep. Esperanta Ligilo verschijnt tienmaal per jaar en een abonnement kost E15 per jaar, inclusief het lidmaatschap van de vereniging. Maar men kan dit ook in La Kontakto en de organen van onze zusterverenigingen in o.a. Bulgarije, Tsjechië, Duitsland, Oostenrijk, Finland, Oekraïne, Italië en Japan. Ieder van die bladen heeft z'n eigen identiteit, waarvan dat uit Japan helemaal op het eigen land is gericht. Dit blad is gratis verkrijgbaar. Voor toezending van de overige cluborganen wordt doorgaans abonnementsgeld gevraagd, maar vaak worden ze na lezing doorgestuurd. Zo gaat La Kontakto veelal naar economisch zwakke landen.
Maar contacten krijg je ook, en dan persoonlijke, door het bijwonen van het internationale congres van blinde Esperantisten, dat - zo mogelijk - voor, na of tijdens het Wereldcongres plaatsvindt in of bij dezelfde stad. De organisatie van zo'n congres ligt op de weg van de landelijke vereniging,
maar in overleg met het internationale verbond van blinde en slechtziende Esperantisten.
Onderling contact gaat meestal per brief, maar ook wel per cassette en ook steeds meer per e-mail. Het voordeel hiervan: je kunt je oefenen in spreekvaardigheid, elkaars stem leren kennen, en bemerkt hoe gemakkelijk je elkaar verstaat. Voor een snel contact is e-mailen ideaal. Hier wordt steeds meer gebruik van gemaakt.

Hebben Esperantisten reizend in het buitenland, profijt van hun taalkennis?
Zeker! Meerderen bepalen hun route met behulp van een internationale adressenlijst van mede-Esperantisten. Omdat Esperantisten een zelfde doel nastreven bestaat er onder hen een gevoel van verbondenheid. Niet zelden klopt men bij elkaar aan om hulp. Zo bestaat er op reisgebied overigens een vereniging die voor haar leden een boek uitgeeft met gastadressen. De uitgave heet Pasporta Servo. Deze mensen verlenen voor een of twee nachten onderdak aan Esperantisten tegen geen of geringe vergoeding.

Hoeveel mensen op de wereld spreken Esperanto?
Dit is moeilijk te bepalen. Onder de visueel gehandicapten verzamelde Anatolij Masenko uit Rusland 438 adressen in 42 landen. Er zijn er echter meer. In totaal (dus met goedzienden erbij) wordt het aantal Esperantisten geschat op enkele
miljoenen. Het precieze aantal is niet bekend, omdat niet iedereen die Esperanto spreekt, geregistreerd staat als lid van een vereniging.

Is Esperanto, zoals vaak wordt beweerd, een aflopende zaak?
Hooewel men er hier minder over hoort dan vroeger wekt dit inderdaad die indruk. Wereldwijd is dit niet het geval. De laatste jaren is het aantal Esperantisten in Afrika en Zuid-Amerika gegroeid. Je zou de esperantobeweging kunnen vergelijken met een veenbrandje. Hier dooft, daar vlamt het weer op.

Wat heeft Esperanto - los van z'n neutrale positie, voor op de nationale talen?
Een groot voordeel is, dat het logisch is opgebouwd; een pluspunt voor studenten die moeite hebben met talen. Wat kennis van bijvoorbeeld Frans, Duits of Engels maakt het makkelijker om Esperanto te leren. Omgekeerd is kennis van Esperanto ook een goede basis voor verdere
talenstudie. Veel woorden, vooraal uit de Romaanse en Germaanse talen, vind je terug in Essperanto terwijl nieuwe woorden met internationale bekendheid worden overgenomen. Daarom zult u zich verbazen over "wat u al weet". Velen zijn zich door Esperanto gaan interesseren voor andere talen en doen via hun buitenlandse contacten daarmee hun voordeel. Bijvoorbeeld: het verkrijgen van een gewenst woordenboek "Esperanto-..." en omgekeerd; deze zijn veelal ook in braille beschikbaar.

Bestaat er voor Esperanto geschikt leermateriaal?
Wij hebben in braille en grootletter het boek voor beginners van Zondervan en Manders, waarvoor wij E12,- vragen. Voor het woordenboek van drs. Middelkoop (in braille) vragen we een leensom van E20,- omdat dit boek niet meer herdrukt wordt. Verder kunnen wij u naar behoefte voorzien van ander leermateriaal. Ook later, wanneer er behoefte is aan lectuur; in sommige bibliotheken is deze in
braille of gesproken vorm te leen. Wanneer u besluit Esperanto te willen leren, dan moet u zich niet verbazen dat uw keus door uw omgeving wellicht negatief zal worden beoordeeld, want: "Waarom geen Engels?". Ze kunnen, echter niet inschatten wat die kennis voor de gebruiker kan betekenen, als ze al ooit van deze taal hebben gehoord. Een voordeel voor visueel gehandicapten is dat Esperanto een uitbreiding van sociale contacten kan betekenen. Verder deden al veel schakers hun voordeel met Esperanto, terwijl ook verzamelaars er hun weg mee wisten te vinden. In het kort: men deed en men doet er iets mee, en met succes! Het succes dat Zamenhof mede beoogde met z'n schepping.

Hopelijk heeft deze informatiepagina wat meer duidelijkheid geveven over het doel en het voordeel van Esperanto. Het eerder vermelde boekje met nog meer informatie ligt voor u klaar. Hebt u interesse, dan horen we graag van u. Voor het adres: zie de pagina "Het NOSOBE-bestuur".

Terug naar de beginpagina