Iets waar veel onderzoekers van dromen, maar wat nog door weinigen schijnt te zijn bereikt, is de omzetting van radiogolven in directe, bruikbare electrische energie. In 1919 lukte een zekere Alfred Hubbard (1900? - ?) zoiets. Rond hem en zijn apparaat is een bijna ondoordringbaar web van geheimzinnigheid gesponnen. Het apparaat kan het beste aangeduid worden met de benaming energie-transformator, want het scheen op de een of andere manier één vorm van energie in een andere vorm van energie om te zetten.
Hubbard was een jongen uit Seattle, die al op zijn 16e aan het wonderlijke apparaat begon te werken. Op zijn 19e had hij een bruikbare machine. Meteen nadat hij dit bekend had gemaakt, gonsde het in Seattle. Zo valt op de eerste pagina een artikel te lezen in de woensdag 17 - 12 - 1919 editie van de Post Intelligencer met als kop:
Er circuleren allerlei geruchten over verschillende uitvindingen die werkten volgens hetzelfde principe als het apparaat van Hubbard, door de directe omzetting van radio (of radioactieve) stralen of golven in electriciteit. De geruchten vertellen verder dat in al deze gevallen deze uitvindingen een interessante fase van ontwikkeling bereikten, maar dat toen bepaalde authoriteiten zich ermee bemoeiden, het werk er aan stopte, en in sommige gevallen de uitvindingen in beslag werden genomen. Dit alles met als excuus dat er op een gevaarlijke manier gebruik werd gemaakt van atoomenergie.
Deze hypothese is op zich niet eens zo onwaarschijnlijk. De geschiedenis wemelt van verhalen over over genootschappen en ordes die zich bedienden van een -voor de tijd waarin dezegroepen bestonden- volstrekt revolutionaire technologie. Met welke technologische hulpmiddelen zijn de megalitische bouwwerken van de oude beschavingen gebouwd? Aangezien er geen roetsporen in het binnenste van de Piramide van Cheops zijn gevonden, vroeg men zich in een Nederlandse krant in 1871 al af of de oude Egyptenaren electricteit kenden (zout in de olie voorkomt echter roetvorming, waarmee dit raadsel opgelost lijkt).
De legendarische Orde van de Tempelieren (die volgens de auteurs Lincoln, Leigh, Baigent, De Sede, Prince en Picknett een prominente rolhebben gespeeld in het Rennes le Chateau-raadsel - op zich wellicht een geavanceerd technologisch artefact) had de beschikking over een bronzen hoofd dat antwoorden op vragen gaf. In verslagen van rechtszittingen heette het hoofd Baphomet.
Alchemist, magiër en vroeg wetenschapper Albertus Magnus (1193 - 1280) bouwde zo'n bronzen hoofd dat praatte. Volgens de legenden kletste het hoofd zo veel, dat de beroemde leerling van Magnus, Thomas van Aquino, het apparaat in frustratie in stukken smeet.
De Rozenkruisers schijnen de beschikking te hebben gehad over "eeuwig brandende lampen" die werkten volgens een mysterieus procede, dat door de eeuwen heen bij sommige ingewijden bekend scheen te zijn. Hargrave Jennings,die correspondeerde met Bulwer Lytton, schreef er een hoofdstuk over vol in zijn The Rosicrucians, Their Rites and Mysteries.
Van Johannus Trithemius (1462 - 1516), schrijver van de merkwaardige boeken Steganographia en Polygraphia, wordt verteld dat hij het gebruik beschreef van een apparaat, dat naar het schijnt niet veel verschilt van onze huidige radio:
"Ik heb enkele malen horen zeggen dat sommige personen elkaar mededelingen doen over een afstand van meer dan vijftig oude mijlen door middel van een magneetnaald. De twee vrienden namen ieder een kompas dat in zijn cirkelvormige rand de letters van het alfabet bevatte. En men beweert dat wanneer een van de vrienden de naald naar een bepaalde letter wees, de andere naald, hoe ver verwijderd ook, naar dezelfde letter wees." Ontleende de mysterieuze Orffyreus aan dit procede zijn pseudoniem? Orffyrues (1680 - 1745), uitvinder van een machine die zonder externe aandrijfkracht werkte, construeerde zijn pseudoniem -zijn echte naam was Bessler- door de letters van het alfabet in een cirkel te plaatsen. Door de tegenoverliggende letters van zijn naam te kiezen, verkreeg hij de geheimzinnige naam Orffyreus.
Ook magiërs, occultisten, alchemisten en esoterici van divers pluimage zijn altijd al op zoek geweest naar een allesomvattende, in de ether en in de Aarde verborgen kracht.
Verborgen in de middeleeuwse geheime genootschappen en esoterici zoals de binnenste ringen van de Tempelieren en Teutoonse ridders, werd dit concept weer openbaar gemaakt door alchemisten zoals Paracelsus en Van Helmond die het Magnale Mundi en Magnale Magnum noemden. Later heette het Animaal Magnetisme, Od, Vril, Etherische Kracht. Elders leren we andere namen voor dit mysterieuze concept, voor deze kracht.
![]() Alfred Hubbard
|
Van wat er uit de foto's, destijds gepubliceerd in de Intelligencer, op te maken valt is, dat het model, of tenminste één van de vele, een gloeilamp van ongeveer 200 watt liet branden.
Deze lamp was op de bovenkant van een klein apparaat, dat in twee handen kon worden vastgehouden, bevestigd. De eerwaarde Smith zei dat hij zich niet kon voorstellen dat het geval voor onbepaalde tijd zou functioneren, maar dat hij ook geen maximum-tijdsduur kon vaststellen.
Hij geloofde echter wel dat het apparaat zou blijven werken voor een langere periode, waarna bepaalde onderdelen gemakkelijk vervangen zou kunnen worden. ook zag hij geen grens aan omvang of de energie-output die de transformator zou kunnen hebben.
Eén van de interessante proeven, welke is genomen met Hubbard's uitvinding, was het voortstuwen van een boot van zo'n vijf en een halve meter in de Poratage-Baai bij Seattle.
Een electrische motor met een vermogen van 35 paardekrachten was gekoppeld aan een Hubbard-transformator van ongeveer 27 centimeter doorsnede en 35 centimeter lengte. Het apparaat leverde genoeg energie om de boot en zijn bestuurder rond de baai te vervoeren. Deze demonstratie duurde enkele uren en zorgde voor een sensatie. Tevens kon, door de tijdsduur van de test, de conclusie getrokken worden dat er geen verborgen batterijen in het spel waren.
Tenslotte was het in die tijd al iets nieuws geweest, als er een batterij had bestaan die zoveel energie gedurende zo'n lange tijd zou hebben geleverd! Het merkwaardige doet zich nu voor, dat kort na deze spectaculaire proefneming, Hubbard uit het zicht en de publiciteit verdween.
Wel staat vast dat hij daarna is gaan werken voor een onderneming, de Radium Chemical Company, die toen in Pittsburg, en later in New York gevestigd was.
Na jaren van stilte, verschenen Hubbard en zijn wonderlijke uitvinding nog een keer in de Post Intelligencer in Seattle. Dit gebeurde op maandag, 27 februari 1928.
Dit was in verband met een andere, verbijsterende ontdekking, waarover verderop in dit artikel meer: de brandstofloze motor, uitgevonden en ontwikkeld door een zekere Lester J. Hendershot en getest op Selfridge Field in Detroit.
In dit interview met R. B. Bermann verklapte Hubbard voor het eerst het principe, volgens welk zijn uitvinding functioneerde. Zijn transformator was gevuld met radioactief materiaal. Hubbard gaf ook toe dat hij de theorie, dat zijn uitvinding energie uit de lucht plukte, gebruikt had om zijn idee te beschermen. Verder vertelde hij dat zijn apparaat in staat was direct electrische energie te winnen uit de stralen die dit radioactieve materiaal afgaf.
Helaas vertelde hij niet om welk materiaal het ging, en tot op de dag van vandaag is het antwoord daarop een goed bewaard geheim.
Volgens Hubbard kreeg hij al snel onenigheid met de onderneming waar hij voor werkte. Nadat hij immers naar Pittsburgh was gegaan om te werken voor deze onderneming, de Radium Chemical Company, moest hij 50% van de belangen in het apparaat verkopen aan dit bedrijf. Hubbard verhaalde dat dit bedrijf meer en meer zeggenschap eiste over het apparaat, tot hij nog maar zo'n 25% belangen in handen had. Toen hij nog eens 5% moest afstaan, werd hem dit te gortig en vertrok hij weer naar Seattle, nadat hij de samenwerking met het consortium had opgezegd.
Toen Hubbard naar Washington vertrok om patent aan te vragen, werd hij aangeklaagd met de onzinnige beschuldiging dat hij zenders zou vervaardigen voor dranksmokkelaars in Canada! Hij werd in 1928 door een jury van deze aantijging vrijgesproken. Andere uitvinders zijn niet zo fortuinlijk geweest, en het schijnt tot het standaard repertoire van de machthebbende instanties te behoren, die alternatieve technologie willen onderdrukken.
![]() De Hubbard-transformator.
Uit de Seattle Post Intelligencer van 27 sept. 1928. De afmetingen zijn: 15 cm lang en zo'n 11 cm in doorsnee. |
Van Hubbard's omzwervingen is verder weinig bekend, in later jaren schijnt hij Amerika te hebben verlaten en zich in Canada te hebben gevestigd. Hij heeft echter nooit zijn interesse in de verdere ontwikkeling van zijn apparaat verloren. Mischien heeft Hubbard ergens in het geheim zijn wonderlijke uitvinding voltooid, en is zijn transformator nu verborgen op een speciale plaats.
Wat vandaag de dag concreet is overgebleven van zijn uitvinding, is alleen een beschrijving die zo fragmentarisch is, dat zich daaruit met de beste wil van de wereld geen transformator laat construeren.
Tegenwoordig is de wereld ook Lester J. Hendershot (1899? -1961?) compleet vergeten. En dat terwijl hij een fantastische ontdekking heeft gedaan: een motor die liep zonder brandstoftoevoer.
Het schijnt dat Hendershot het idee kreeg in een droom, toen hij in 1925 experimenten deed voor de verbetering van een kompas voor vliegtuigen. Hij kreeg toen de ingeving een machine te bouwen die zou lopen op de energiestromen in de aarde. Toch duurde het tot november 1927, voordat hij er ook werkelijk aan ging werken.
Zijn laboratorium en onderzoekscentrum was niet meer dan een werkbank in de kelder van zijn kleine huis in West Elizabeth, Pennsylvania. Hij werkte daar gedurende enkele weken van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Toen was het apparaat, dat uit niet meer bestond dan delen van een versleten radio van zijn oom, klaar.
De motor werkte beslist, maar had nog één manco; het wilde alleen maar functioneren als het geval in de noord-zuid richting was geplaatst, maar het deed helemaal niets als het in de oost-west richting stond. Hendershot legde later uit dat de motor liep op het principe van een kompas.
Hij hield altijd vol dat er absoluut geen geheimzinnigheid aan te pas kwam. De kracht, die het apparaat deed werken, was immers dezelfde als die de naald vaneen kompas deed bewegen.
Het revolutionaire echter was de manier waarop het geheel gewikkeld was. Hendershot legde verder uit dat hij er tijdens zijn experimenten achter kwam dat als hij diezelfde noord-zuid lijn sneed, hij een indicatie kreeg van het werkelijke noorden. Dus niet het magnetische noorden van een kompas. Door hetzelfde te doen met de oost-west lijn, verkreeg hij zo een ronddraaiende beweging. Hij bleef experimenteren totdat hij een motor had gebouwd die opeen constante snelheid draaide, die al voor de bouw van de motor was bepaald.
Hendershot bouwde voor het eerst een klein model van zijn brandstofloze motor in een speelgoed vliegtuigje van zijn toen vier jaar oude zoontje. Dit was het eerste werkende model van zijn uitvinding. Op een dag, hoe is onduidelijk, hoorde een zekere D. Barr Peat, van het vliegveld Bettisfield, waar postvliegtuigen landden en opstegen, van Hendershot's wonderlijke uitvinding.
Hij raakte meteen enthousiast bij een bezoek aan de uitvinder, en enkele weken later had Hendershot toestemming gekregen om een model, groot genoeg voor een vliegtuig, te bouwen op Selfridge Field.
De beroemde piloot Charles lindbergh testte de motor op Selfridge Field in Detroit. Ook Majoor Thomas Lanphier, de commandant van Selfridge Field, onderwierp de motor aan tests. Beiden waren onder de indruk van het apparaat. Piloten en mechaniciens, die hielpen met de constructie van deze motor verklaarden dat het de uitvinding van de eeuw was, en iedereen was ervan overtuigd dat het een succesvolle vliegtuigmotor zou zijn.
De reacties van de wetenschappers waren verdeeld: eerst gaf men toe dat het een interessante ontdekking was, later was het commentaar dat het een praktische onmogelijkheid betrof.
Een geleerde, de heer Dr. M. Pupin, professor in de electromechanica aan de Colombia Universiteit verklaarde in de Associated Press op 26 februari 1928:
"Volgens mijn wetenschappelijke kennis kan ik niet begrijpen hoe zoiets genoeg energie kan voortbrengen om een zwaar object voort te bewegen. Ik begrijp het niet en ik hecht er ook niet veel belang aan."
Maar een collega, Dr. F. Hoffstetter, ging nog veel verder in het ridiculiseren van deze uitvinding.
Hij huurde een ruimte in New York in een groot hotel. Hij gaf daar vervolgens een lezing met als doel, zo vertelde hij het daar aanwezige publiek, om een oplichter te ontmaskeren. De vraag dient zich aan in hoeverre deze aanvallen zorgvuldig georchestreerd waren.
Deze Dr. Hoffstetter had ook allerlei modellen van Hendershot's motor bij zich, en hij demonstreerde dat die niet werkten. Ook kondigde hij aan dat hij in één van de motoren een kleine batterij had gevonden. Deze verklaring was echter misleidend: Hendershot had enkele jaren ervoor, niet geheel overtuigd van de goede bedoelingen van zijn bezoekers, zijn apparaten volgestopt met irrelevante onderdelen, om zodoende te camoufleren waar hij mee bezig was.
Hendershot had hetgevoel dat hij bespioneerd werd.
Hij had met geen mogelijkheid ook maar iets in zijn motoren op Selfridge Field kunnen stoppen, want die werden immers gebouwd door de mechaniciens, met behulp van de enigmatische majoor Lanphier. Deze man zal later alles ontkennen. Als onderzoekers dan de gepensioneerde majoor, dan kolonel, om uitsluitsel vragen, beweert hij dat het enige apparaat dat op het vliegveld getest is, een motor was die Hendershot meenam. Er was geen motor op het vliegveld gebouwd, en de motor die Hendershot meenam zou later als fraude ontmaskerd zijn.
Hiermee geconfronteerd, antwoordde Hendershot aan onderzoeker Gaston Burridge dat hij niet snapte waarom Lanphier dat verklaarde, omdat er wél een motor op Selfridge Field gebouwd was.
Charles Fort schrijft in zijn boek Wild Talents, dat het onmogelijk oplichterij kon zijn:
"Het was een simpel en niet al te groot geval van minder dan vijf kilo, gebouwd door de mecaniciens van Selfridge Field. Zouden die niet vlug genoeg door hebben gehad als het oplichterij was geweest?"
Fort concludeerde ten aanzien van de pogingen van Dr. Hoffstetter: "Ergens moet er een alarm zijn geslagen, dat geen gewoon alarm is geweest."
Op 25 februari 1925 verscheen in de Detroit Free Press een artikel, waarin gemeld werd dat Lindbergh, Lanphier en Hendershot een ontmoeting hadden met het machtige Guggenheim consortium. Ook andere rijke en zeer machtige groepen van financiers waren meer dan geïnteresseerd. En dan weer, vergetelheid.
In 1928, op 9 maart, duikt Hendershot weer op in de kranten. Het scheen dat hij opgenomen was in het Emergency Hospital in Washington (omstreeks die tijd heeft Hubbard in die stad zijn proces!), terwijl hij herstelde van een schok van 2000 volt, opgelopen tijdens een demonstratie met zijn motor. Hij was tijdelijk verlamd aan armen en benen en kon om die redenen het ziekenhuis gedurende enkele weken niet verlaten. Maar onderzoeker Gaston Burridge had een brief van een journalist waarin verklaard werd dat Hendershot meegenomen werd naar het ziekenhuis voor een krankzinnigheidstest. Hendershot werd niet schuldig bevonden en vrijgelaten. Intriges van machtige consortiums? Een vroeg geval van hersenspoeling?
![]() Foto van Hendershot circa 1950.
|
Burridge lijkt gelijk te hebben gehad; in de zestiger jaren werd Hendershot tijdelijk gesteund door een consortium waarin we de vroege ufo-contactee Daniel Fry tegenkomen. Van Fry was in 1954 The White Sands Incident gepubliceerd, waarin hij zijn ufo-contacten beschreef. De groep had voorgesteld dat de Hendershot-motor financieel gesteund zou worden door het U.S. Navy Office of Naval Research. Dat mocht niet zijn. Lester J. Hendershot stierf in april van 1961, en sindsdien is er van zijn wonderlijke motor niets meer vernomen.